Wij zijn gek op barbecuen…. Zodra we de kans hebben doen we ‘ut. Hele middagen sta ik dan in de keuken te marineren, te sausen en te snijden of het een lieve lust is, uiteraard onder het genot van een goed glas fruitige rosé (mag weer) en een swingend muziekje op de achtergrond (Dries Roelvink, met kleren aan…), en zie ik allemaal vrolijke gezichten om mij heen waar elke reclamemaker stinkend jaloers op zou zijn. Vervolgens waarschuwen we de buurt voor de rook (ramen dicht dus), laten we de houtskolen gloeien zoals ze nog nooit gegloeid hebben en doen we ons tegoed aan worst, hamburger, sateetjes en stokbrood met kruidenboter. We beginnen zo’n barbecuedag altijd door de lunch over te slaan want dan hebben we ‘s avonds des te meer honger (trek!) en we doen de hele dag spelletjes waar je veel calorieën door verbrandt want daar krijg je nog meer honger (trek!) van. Wanneer we dan om een uurtje of zeven beginnen storten we ons als leeuwen op een prooi op het stokbrood met kruidenboter en genieten we van al het heerlijks wat voor ons staat. Voorgaande is puur theorie want de praktijk is anders.
Elk jaar weer proberen we ’n keer te gaan barbecuen en hopen we op een lange eet en drinkavond maar helaas, het wil dat maar niet lukken. De jongens hebben er geen geduld voor. Tuurlijk, zodra ik mijn gezin voorstel om te gaan barbecuen is iedereen enthousiast. Dan zijn ze in staat om in polonaise naar buiten te lopen. Onlangs was het weer eens zo ver. Op een dag dat de mussen van het dak vielen en de weermannen en vrouwen ons verteld hadden dat de zomer écht was ingetreden. Twee dagen later plande ik de barbecue en toen ik die middag in de keuken stond om de tomaatjes van hun jasjes te ontdoen, de pasta afspoelde en de spekjes voor de aardappelsalade krokant afbakte, hoorde ik de voorspelling van het weer voor die middag: regen! Woest was ik! Waarom voorspellen die mensen eigenlijk nog als ze het meestal toch mis hebben? Oké, ik was vergeten naar Piet Ot Moan te kijken, naar het cijfer voor de barbecue, maar kom op zeg, moet ik daarom gestraft worden door een regenbui? Maar ik liet me niet kennen, de show must go on immers, dus begon ik met mijn vrouw en schoonmoeder een regen offensief: twee parasollen werden uitgeklapt en daaroverheen kwam weer een zeil te liggen, de barbecue kwam onder de scooterpoort te staan en de tuinset werd zo opgesteld dat de kans op druppels in je nek nihil was. En toen begon het donker te worden en even later kwam de regen… Maar wij lieten ons niet kennen en iets na half zeven zaten we heerlijk te eten en te drinken. De kinderen vonden het gezellig dus het leek op een gezellige en lange barbecueavond uit te lopen. Leek. Inderdaad. Het duurde een minuut of tien. Ze hadden al na tien minuten, tien stukjes stokbrood, één hamburger en ’n halve worst geen honger (trek!) én geen geduld meer: “Mogen we buiten spelen!?” is het enige wat hun nog interesseerde. Daarom doen we ’t maar een of twee keer per jaar. Voordeel daarvan is dat de barbecue er netjes uit blijft zien maar het nadeel is dat hij dan wel 364 dagen van het jaar in de weg staat. Ziehier de reden waarom ik onlangs de schuur weer ging opruimen. Eerst haalde ik alles eruit, schiftte het bruikbare van het onbruikbare (ik ben zo’n eentje die veel
rotzooi bewaard), bekeek het onbruikbare nóg eens en zette het weer bij het bruikbare, sloopte vervolgens een keukenkastje wat al helemaal scheef aan de muur hing waardoor er weer een opbergrek aangeschaft moest worden…Maar laat in de avond lag dan toch alles weer in de schuur, prachtig gesorteerd al zeg ik het zelf en had ik zelfs groentepotjes aan een rek gehangen met alle schroefjes, moertjes en boutjes. Met de groeten van Hak! Er was alleen nog één ding wat toch in de weg bleef staan: de barbecue!
Arjen Veldhuizen