Sterren

Waarschijnlijk zou ik moeten schrikken als iemand ‘s nachts door mijn raam klimt. Maar ondanks alles glimlach ik als het raam opengaat. En inderdaad, een paar seconden later staat May twijfelend naast mijn bed. “Mag ik – eh”

Ik weet niet of ik blij moet zijn dat het kennelijk weer goed is tussen ons, of dat ik moet zeggen dat we moeten praten.. Maar het is half vier, dus ik houd de dekens omhoog en schuif een stukje op. Twee weken geleden zou ze  gewoon in mijn bed gekropen zijn.

“Sorry,” fluistert May, als een rilling over mijn rug loopt. Ze denkt vast dat ik huiver omdat haar ijskoude voeten de mijne raken. Ik kan natuurlijk niet zeggen dat het komt doordat mijn hart een slag overslaat als ik haar hoofd op mijn schouder voel en haar adem over mijn nek blaast als die eerste dag van de lente die altijd naar vrijheid ruikt en doordat onze lichamen nog steeds precies passen en de sterren sterker stralen omdat ze eindelijk terug is. Dus zeg ik maar niets.  

Ons hele leven is al één groot logeerpartijtje en ik weet zeker dat ik niet de enige ben die slecht heeft geslapen de afgelopen weken. Al ben ik wel de enige die stiekem hoopt dat dit logeerpartijtje over een jaar of tien een ‘tot de dood ons scheidt’-situatie wordt. Maar dat is nog zoiets dat ik haar nooit kan vertellen.  

Ik slaap bijna weer als May de stilte verbreekt. “Zullen we buiten gaan zitten? De sterren zijn prachtig.” We klimmen door het raam naar buiten. Onze benen bungelen over de rand van het schuine dak tussen onze slaapkamerramen. Ik zie dat May iets wil zeggen, maar de goede woorden niet kan vinden. Ik kijk hoe ze met haar tenen wiebelt. Met haar  ketting speelt. Haar mond opent om iets te zeggen, maar toch weer op haar lip bijt.

“May,” begin ik. Ik weet ook niet waar ik heen wil, maar hoef het niet te bedenken, want ineens raken haar lippen de mijne. Een moment laat ik mezelf verdrinken, voordat ik me terugtrek.

Ze kijkt me aan: “Sarah. Vertrouw je me?” Dit keer kus ik haar, want hoe kan ik haar niet vertrouwen als ze zo klinkt? De sterren zijn inderdaad prachtig en ik denk dat ik er eentje ingeslikt heb, want ik ontplof van binnen.  

Jayme Bocxe

 Bovenstaand verhaal is ingezonden door Jayme, sinds kort schrijfster van korte verhalen. Ze volgt samen met Josine van Es, Ria Luiten, Agnes van Boheemen  en ondergetekende de cursus “het schrijven van Zeer Korte Verhalen” bij de bibliotheek in Voorburg. Ze laat u hierboven meegenieten van het resultaat. En Josine, kampioen korte verhalen op de volgende bladzijde.

 

Red. Petra