Alle berichten van Redactie Dorpsketting

Kerstgedachte 2019

van Wybo Suijten

Dit jaar is de kerstgedachte anders

Wat is er veranderd in het afgelopen jaar
de folders en bladen laten een ander tijdsbeeld zien.

De mensen zijn dikker dan ooit tevoren
het eten gaat de toekomst in gevaar brengen
ze winkelen in de stoel en bewegen minder
de bezorgbussen in de straten zijn hinderlijk obstakels
helpt niet om de uitstoot van stikstof terug te dringen.
mensen leven er korter door
en laten de winkelier op deze manier bungelen
die jaren van geleverde service de winkels verlaten
door leegstand in de winkelstraten
winkeliers leggen daar door het loodje

De kerst is uitgebreider in beeld dan anders
eerste en tweede Kerstdag zijn veranderd in een feestdagen
mensen weten niet meer waarom ze vrij zijn
maar wel dat ze vrije dagen hebben

Waarom alles is veranderd weet ik niet
of ben ik de enige die het anders ziet
of komt het alleen door het internet
en heeft de ondernemer dan niet opgelet?
toch wil iedereen naar Nederland toe
werken en wonen en samen leven
wij staan klaar voor anderen met vrijwilligerswerk
goed geregeld in ouderenzorg
waar voldoende socialen voorzieningen zijn

Ik twijfel, of ik de kerstboom wel in huis zet dit jaar
je wilt de natuur toch niet schaden
het vee van de kerststal heb ik verkocht door stikstof beleid
door een andere keuze die ons is voorgeschoteld
met gewone kost komt men de feestdagen niet meer door
het moet speciaal zijn om het lekkere eten
door de Partij van Dieren die alle boeren op stang jaagt
die ons verpulvert met negatieve vleesreclame
en voordat je het weet liggen er toch soja bonen op je bord
en zo verval je van het ene in het andere probleem

Maar, lieve mensen het leven is echt niet negatief
maar weer zo anders dan anders

Wij wensen iedereen fijne kerstdagen,
en een gezond en gelukkig nieuwjaar in 2020

Tip van Wybo:
Leef zo als je zelf denkt dat het goed is
maak je niet druk wat een ander denkt
begin 2020 met dezelfde gedachten
dan zijn er in 2020 ook geen klachten

Kerstviering Ouderen Soos Stompwijk

Wat een mooie kerstviering hebben we met de leden van onze Ouderen Soos Stompwijk mogen beleven. Een viering voorgegaan door Marianne Turk die met haar stem en mooie intonatie in de tekst iedereen weet te inspireren. Onze voorzitter spreekt na afloop van de viering mooie woorden over gemiste kansen maar ook over de mogelijkheid om dit in het nieuwe jaar de kansen te zien en te benutten. Wat wij als bestuur van de Ouderen Soos Stompwijk zeker zullen doen.
Uit de kerk lopend op weg naar de bus was een ieder goed gestemd en erg benieuwd hoe de dag verder zou verlopen. Eigenlijk weet je al dat als je naar Partyboerderij Hijdra gaat het een feest zal worden voor de smaakpapillen.
Voor de gezellige noot heeft dit jaar ‘the Dutch Show Company’ gezorgd…. ze hebben er een groot feest van gemaakt en altijd als het gezellig is vliegt de tijd. Zo ook op deze dag. Geheel voldaan zijn we weer in de bus gestapt en naar Stompwijk terug gebracht.
We hebben afscheid genomen met de woorden: iedereen fijne feestdagen en een gezellig uiteinde.

Wij zien u allen graag weer op 7 januari 2020.

Namens het bestuur, Marianne Heijnen, secretaris

Een gezonde en rookvrije toekomst voor kinderen

Kinderen moeten de kans krijgen om gezond en rookvrij op te groeien. Daarom investeert de gemeente op verschillenden manieren in acties en programma’s om plekken rookvrij te maken en in voorlichting om kinderen bewust te maken van wat roken met je doet.
Wethouder zorg en onderwijs Juliette Bouw: “Een gezonde start is heel belangrijk. Dat begint al met niet roken tijdens de zwangerschap en niet roken in de buurt van kinderen. En nog belangrijker: als ouder het goede voorbeeld geven. De impact van roken op de gezondheid van kinderen is enorm. Daarom werken we aan een rookvrije gemeente en sluiten we aan bij de Alliantie Nederland Rookvrij.”
Vanuit het programma Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG) werken we aan een omgeving waarin kinderen gezond kunnen opgroeien. Door de samenwerking met de Alliantie Nederland Rookvrij is er bij sportverenigingen naast gezonde voeding en verantwoord alcoholgebruik, nu ook gestart met het rookvrij maken van sportlocaties. Op scholen zetten we in op een gezonde leefstijl vanuit het programma ‘Gezonde school’, daar praten we met leerlingen ook over roken en alcohol.
Ook steeds meer kinderboerderijen worden geheel rookvrij. Dat helpt om te komen tot  een Rookvrije Generatie. Naast Dorrepaal en Rusthout worden
in januari 2020 ook kinderboerderij Vreugd en Rust en Essesteijn rookvrij.
Wethouder Bouw: “In Leidschendam-Voorburg zijn al verschillende sportclubs en speelplekken rookvrij. Organisaties geven zelf aan of ze rookvrij zijn. Dat is mooi, want dit moeten we samen doen!”

Informatie over rookvrije plekken staat op www.rookvrijegeneratie.nl.

Op initiatief van de gemeenteraad is besloten om in te zetten op een rookvrije gemeente en aan te sluiten bij de Alliantie Nederland Rookvrij.

Het kerstgevoel van Jetty’s eettafel

Het is de tweede vrijdag van de maand. De dag dat er gezellig samen wordt gegeten. Er is weer een simpel maar lekker menu samengesteld. Er zijn veel aanmeldingen (35) en nadat we gisteren de boodschappen hebben gedaan en Wea vanmorgen vijf kilo aardappelen heeft geschild, zit de rode kool in de pannen en staan de uiensoep en hachee te pruttelen op de elektrische kookplaat. Wea heeft er thuis al heel wat uurtjes koken opzitten. De tafels worden klaargezet en zelfs meester Richard wordt er bij geroepen om de laatste zware tafel ook op zijn plek te krijgen. Dan kunnen de stoelen eromheen. Wel graag stoelen met leuningen en een kussentje. Het is een heel gesjouw, maar we willen dat iedereen een lekker plekje heeft. Ineke en Karin, van de bibliotheek, helpen met de tafel dekken. Een mooi rood tafelkleed, servetjes met engeltjes, bordjes, glazen en bestek, maar ook de bloemetjes van Ingrid, en gezellig de kaarsjes op tafel. Ook de kerstboom wordt er, met hulp van Leo, bij geschoven. Theo biedt zijn hulp aan, maar het zware werk is al gedaan. Een volgende keer weer graag, Theo!

Een groepje dames en heren wat vanaf half tien op vrijdagochtend al samen een kopje koffie heeft gedronken. doet een spelletje klaverjassen en keezen. Nel is al gebracht door schoondochter Marianne en Annie is gebracht door zoon Bart. In de loop van de ochtend druppelen er meerdere gasten binnen. “Ben ik te vroeg” vraagt Riet, terwijl ze haar regenkapje af doet. “Nee hoor U bent niet te vroeg. Er zijn er al meer en U bent altijd welkom.” Marianne, de postbode, komt vragen of ze nog mee kan eten. Ze had zich niet opgegeven. “Geen probleem, Marianne, we hebben al op je gerekend. En Marianne, nu je toch komt, wil jij dan helpen met de gasten ontvangen en helpen met opscheppen. De groep is groot vandaag.” Dat wil ze graag doen, maar eerst nog een rondje post lopen.
De wandelclub arriveert. Zij eten niet mee, maar onder deze nog jeugdige wandelaars zie ik Corrie. “Corrie, heb jij wat te doen? Wil je helpen bij het ontvangen van gasten en een glaasje inschenken?” Er komen nog meer gasten. Gijs komt met z’n rollator de loopbrug op en ik zie Ria in haar scootmobiel aankomen,. Gauw de tweede deur opendoen, zodat Ria naar binnen kan rijden, en haar scootmobiel in de gang droog kan parkeren. Greet en Geert komen binnen. Geert heeft geen rode kool in zijn groentetuin, dus komen ze het maar hier eten. Ze brengen een prachtige zelfgemaakte kerstkaart mee, waar we heel blij mee zijn. Mevrouw van Krevelen wordt, door haar zoon Harald, gebracht en Ria wordt door schoondochter Karin gebracht.

Wea staat de hele ochtend al in de keuken te kokkerellen en heeft het goed naar haar zin. Af en toe paniek omdat dat elektrische koken toch wel een dingetje is, maar uiteindelijk komt altijd alles weer goed. Om kwart voor twaalf, de soep is al heet, zijn er al heel wat mensen binnen en begint het zoeken van een plekje. Je mag gaan zitten waar je wilt aan de lange gedekte tafel. Aad zit aan het hoofd van de tafel met Piet en Corrie in zijn buurt. Wil en Tom schuiven, na het kaartje leggen, ook gezellig aan. Mevrouw van Krevelen houdt een plekje vrij voor Corrie. De jonkies kruipen bij elkaar. Lenie en Lenie, Len en Nel, Lenie en Anneke. Ook de oudere jongeren vinden het fijn om samen te eten. Coby, Rita, Ria, Ria en Ria. (Ja, er is toch wel veel variatie in namen.) Er wordt geroepen vanaf de gang. Koos staat daar in zijn scootmobiel en vraagt of hij ook nog mee kan eten. Hij heeft zich niet opgegeven. Tuurlijk Koos, er is altijd plaats in de herberg. Je broer Sjaak, schoonzus Ria , en zus Mien zijn er ook.” Is Gijs er ook?” vraagt hij. Daar wil hij graag bij zitten, en als twee kwajongens zitten ze later gebroederlijk aan tafel. En Ria ( ja, er is er nog één) bekijkt alles met een rustige blik.
De tafel wordt steeds voller en voller, en het is een feest van herkenning. Er wordt één wijntje of een watertje ingeschonken, zodat we kunnen proosten op Jetty en op elkaar. Tini uit Zoetermeer is ook gearriveerd, Toos komt binnen, gevolgd door Paula en op de valreep komen Gerda en haar Jan (die solliciteert naar de baan van Sinterklaas) er ook nog aan. (Kerstman Gijs hebben we al.)
Op de kopse kant van de tafel hebben we geen stoelen gezet, zodat we zelf ook een plekje hebben dicht bij de keuken, maar daar komen Tini en Guus nog binnen, dus ook deze plekjes worden benut. Het is twee minuten over twaalf. Tijd voor een openingswoordje en een gebed. De stilte wordt al snel verbroken door Aad, die meldt dat hij nog niet klaar was met het “Wees gegroet”. Er wordt gelachen, de sfeer zit er weer goed in.

De uiensoep met een stokbroodje met kaas wordt opgediend. Een kar met soepkommen en een grote pan soep wordt rondgereden en zo krijgt iedereen zijn kommetje uitgereikt. Snel de maggie nog op tafel, maar eigenlijk is dat niet nodig, want de soep is heerlijk en gezelligheid doet veel! Guus krijgt nog een tweede kommetje en wordt nog een bakje voor Piet opgeschept, maar dan is de pan ook echt leeg. De vaatwasser wordt volgeladen en dan gaan we door voor de tweede ronde. De appelmoes op tafel en de hachee met aardappelpuree en rode kool, opgeschept door Wea en mij, wordt door Marianne, Corrie en Nel uitgeserveerd. Er is aandacht voor iedereen en alles wordt met liefde gedaan. (Hulp Corrie bleef overigens wel iets langer dan het alleen uitschenken van de wijn, maar zo kon ze wel de thuisgemaakte rode kool uit de vriezer proeven. Zo leer je weer wat.) Nog een bakje voor Piet gevuld, en dan door voor een herhalingsronde, want wie lust er nog een bordje. Nou dat zijn er genoeg! “Eten jullie zelf ook wat”, krijgen we regelmatig te horen. Dat doen we zeker, wacht maar af .De pannen raken leeg, maar er is genoeg voor iedereen. Nadat het vaatwerk weer is opgehaald gaan we naar de laatste ronde.

HET TOETJE. Men neme acht liter vanille ijs, zes potten opgewarmde kersen, drie bussen slagroom en een doos wafeltjes. Nou beste mensen, ik kan u vertellen, daar houdt iedereen een plekje voor vrij. Al zijn we nog zo op dieet, het maakt niet uit, morgen gaan we weer vasten. Zelfs de kleinste maagjes lusten de grootste toetjes. Het is een genot om te beleven hoe iedereen hiervan geniet. Ook hierbij doen we een tweede ronde, zodat we zeker weten dat er niemand met honger naar huis gaat.

Na dit heerlijke dessert worden een paar bezoeksters onrustig, want het is al over half twee en hoe oud je ook bent, je hebt het toch weer druk. Velen worden weer opgehaald door familie of buren en die willen we niet laten wachten, en daarom sluiten we snel af met een gebed en komen we nog even met de “collectebak” langs. Iedereen gaat vrolijk en dankbaar naar huis.

Nadat iedereen is uitgelaten, en alles weer schoon in de kast staat en het meubilair weer op zijn plek staat sluiten ook wij af. Moe maar voldaan en dankbaar dat alles weer goed is verlopen en dankbaar voor alle bezoekers en alle hulp. Wat zou Jetty trots zijn geweest!

Fijne feestdagen en heel veel liefde voor 2020!

Anneke van Bemmelen- van Santen

Cock van Bohemen Erelid Stompwijk ‘92

Dat word je niet zomaar
Cock kan het zich niet meer herinneren hoelang hij al bezig is met dit vrijwilligerswerk. Hij heeft zelf nog gehandbald en gevoetbald. (nee niet tegelijk……)
Hij zat in het bestuur van de Handbal toen dat samen ging met de Gym en de Voetbal. Dus al voor 1992! Samen met mensen van de gemeente gingen ze overal sporthallen bezichtigen. Om te kijken wat het hier moest worden. (“Uit andere plaatsen zijn ze vaak jaloers op wat hier allemaal staat.”) Met nog een paar anderen heeft hij ook de scheidsrechtercursus gedaan. En wedstrijden fluiten doet hij nog steeds met veel plezier.

Verder regelt hij nu veel in de kantine
Onder andere de inkoop van alle etenswaren. Hij is er bijna iedere avond, behalve zaterdag. Buiten het sporten wordt er eens per maand geklaverjast. En vier keer per jaar is het Keezen. Een soort Mens Erger Je Niet, maar dan met kaarten. Ook zijn er nog wel eens andere dingen. Zoals een badminton toernooi.

En nieuw: een biljartclub. En steeds is Cock ook achter de bar te vinden. Zoals het nu gaat, blijft hij dat allemaal nog wel een poosje doen.

Dat ere – lidmaatschap is dubbel en dwars verdiend!

Agnes van Boheemen- Vollebregt

Gerda van den Bosch wordt in het licht gezet

Op de dag nadat het Nederlands handbalelftal wereldkampioen is geworden, zit ik met Gerda van den Bosch aan tafel. Gerda is een handballiefhebster in hart en nieren, ze heeft op wedstrijddagen van dit fantastische elftal haar wekker gezet om te kijken. Op maandagochtend komen we elkaar tegenwoordig tegen in het Dorpspunt en het is daar dat ik een lichtje op haar wil laten schijnen.
Van dergelijke fanatieke sportliefhebbers moet een club het hebben. Het is niet voor niets dat ze tot erelid is benoemd tijdens de laatste vergadering, waarbij zij samen met andere vrijwilligers in het zonnetje is gezet. Dit komt mede door een andere bestuursopbouw binnen Stompwijk ’92 waarbij er meer verenigingsbreed gewerkt gaat worden.

Gerda was 8 toen zij ging handballen en behoorde zij tot de groep welpen. Haar moeder was destijds coach en na afloop van het seizoen was er altijd een feestje bij hen thuis met limonade en chips. Haar moeder ging nog eens op bezoek naar Australië naar haar zoon Aad en kwam met sjaaltjes terug voor het hele team met koalabeertjes erop. De sportkampen in Griendsveen en Oudenbosch roepen direct mooie herinneringen op. Je eerste keer een week van huis, dat was wat.

Ze groeide uit tot aspirant, junior en speelde toen al mee met haar schoonzusjes bij de senioren. De familie Van den Bosch stond bekend als handbalfamilie met vader Cors voorop. Ger speelde met schoonzusjes Ria, Sjanie, Lenie, Ank in de zondagse wedstrijden. ’s Avonds werd de wedstrijd nog eens doorgenomen en ingezoomd op dat wat niet goed ging.

Jaren van kampioenschappen en dus promoties, zorgden ervoor dat ze op landelijk niveau gingen spelen. Bij elk kampioenschap een rondje door het dorp op een platte boerenkar en bij de grote promotie een heuse receptie in het Blesse Paard.

Mooie herinneringen aan de reisjes naar Denemarken en Frankrijk waar toernooien gespeeld werden. De smalle straatjes in Parijs, waar de bus niet door kon en de supporters uitstapten om na een: “1, 2, 3, hup” de in de weg staande auto’s opgetild werden en iets werden verzet. Waar supporters heerlijk naar de Moulin Rouge gingen en de bokswedstrijd van Cassius Clay gingen kijken de zij als speelsters binnen moesten blijven om topfit te blijven.

De aller zwartste bladzijde is die ene dag in februari 1983 van het busongeluk, waarbij haar schoonmoeder Jeanne (60) en schoonzusje Carla (21) om het leven kwamen. Ook ome Leo van den Bosch (60) en Kees de Bruin (50). Het handballen werd voortgezet, maar nimmer kon het niveau van toen meer behaald worden. Gerda werd moeder van Kevin en speelde gewoon door, pas na de geboorte van Jennifer in 1996 is zij met de actieve sport gestopt. Sinds haar 16e zat ze toen al in het bestuur en ze heeft zich altijd bezig gehouden met de materialen van de vereniging. Er zijn roerige tijden geweest zoals het samengaan met de Zoeterwoudse handbalvereniging Fairplay. Een keer is het gehele bestuur opgestapt om pas na vertrek van de andere voorzitter hun taken weer op te pakken.

In verband met het ontbreken van een grote sporthal werd er in Bleiswijk en later in Leidschendam gespeeld en getraind. Gouden tijden in de Fluit in Leidschendam waar getraind en de thuiswedstrijden gespeeld werden. Ze hadden hun eigen ronde tafel vlak bij de haard, met gezellige samenzijn na de wedstrijden of de donderdagavondtraining.

En toen kwam Stompwijk ’92 een eigen sporthal, thuis trainen en spelen. Het handbalbestuur ging samenwerken met de grote voetbalbroer, dat vond Gerda in het begin nogal spannend om samen met al die ‘grote’ mannen in een bestuur te zitten tot november dit jaar waarbij in de laatste algemene ledenvergadering ruimte werd genomen om een 7 tal vrijwilligers tot erelid te benoemen.

Een bos bloemen en een bon als dank voor haar jarenlange inzet. Wil dit nu zeggen dat Gerda daar niet meer te vinden is. Nee, niets is minder waar, natuurlijk blijft ze de prijzen voor de kaartavonden inkopen, kantinediensten draaien en blijft ze een vraagbaak voor iedereen. Wat een geluk heeft Stompwijk ’92 met een dergelijke vrijwilligers.

Petra

‘Man, man, ik zou nog zó graag een wedstrijd willen fluiten’

Otto Havik (90) is op z’n plek in Emmaus in Zoeterwoude

De ouderen kennen ’m nog wel en de oudere jongeren ook. Hij woont tegenwoordig in Emmaus in Zoeterwoude. Geestelijk nog messcherp en over zijn lichamelijke verpakking heeft hij naar eigen zeggen niet veel te klagen. Zijn naam is verbonden met Stompwijk, het plaatselijke zangkoor en vooral de voetbalvereniging Stompwijkse Boys. Nee, niet als voetballer maar als scheidsrechter. Hij floot in het dorp maar liefst ruim drieduizend (!) wedstrijden.
Otto Havik is op 25 juli jl. 90 jaar geworden. Hij noemt zich een echte Stompwijker, omdat hij zo’n driekwart van z’n leven in dat dorp heeft gewoond. Werd als laatste van een gezin van vier kinderen geboren, zijn tweelingbroer Gerard ging hem net voor. Dat gebeurde in een klein huisje, waar tegenwoordig het bedrijf Elmeco is gevestigd. “Tegenover de boerderij van De Jong”, voegt hij er voor de zekerheid aan toe.
Voordat hij het hoofdstuk ‘voetbal’ aansnijdt, vertelt hij over zijn schooljaren. Hij werkte toen bij Piet Bregman, naast de smid aan de Stompwijkseweg. In 1947 trad hij dienst van Brinkers in Zoetermeer, waar hij 29 jaar werkte. “Dat duurde tot mijn vijftigste. Ik kreeg toen hevige last van mijn rug en dit draaide uit op een hernia. Maar ik kon gelukkig wel blijven fluiten.”
Met dat ‘fluiten’ doelt hij op het leidinggeven aan 22 jongelui, die achter een bal aan rennen om dat speeltuig in een netje te schoppen. Scheidsrechter dus, de verantwoordelijke man die moest toezien op naleving van de spelregels. Hij heeft het vele jaren met liefde gedaan. Otto laat de zilveren fluit zien die hij in 1984 na afloop van een toernooi kreeg uit handen van Hans van Benten sr. En dan ineens, zo maar tussen de bedrijven door, laat Otto z’n hart spreken: “Man, man, ik zou nog zó graag een wedstrijd willen fluiten.”

Commentaar
Op zijn 63e stopte hij met fluiten, nadat hij elk weekend wel één of meerdere wedstrijden floot. Soms wel drie of zelfs vier in één weekend. “Ik begon op mijn zestiende, net na de oorlog. Heb het altijd graag gedaan, ondanks dat je tijdens en na afloop van de wedstrijd meer dan eens een hoop commentaar kreeg. Een tijdje geleden sprak ik Arnold van Marwijk. Weet wat die zei? Otto, je was als scheidsrechter streng, maar goudeerlijk.”
Reken maar dat hij als spelleider in de loop der jaren heel wat naar z’n hoofd heeft gekregen. “Ja, je deed het niet gauw goed. Er waren niet veel mensen, die beseften dat het ook voor mij een hobby was. Zijn eerste wedstrijd, hij weet het nog goed. Dat was op het veld achter de grasdrogerij van Hilgersom. Later kwam het vaak voor, dat hij zowel ’s morgens als ’s middags een wedstrijd floot. “Het was gewoon hartstikke leuk om te doen.”
Twee zondagen komen terug in zijn                     
herinnering. De eerste was bijzonder, omdat hij op één dag maar liefst drie wedstrijden floot. “Ja, dan kon niet anders. Soms kwam scheidsrechter niet opdagen. Het ging dan om een officiële scheidsrechter van de bond. Als de tegenstander het goed vond, ging de wedstrijd alsnog door.”
Dat brengt ’m min of meer vanzelf bij zijn tweede bijzondere zondag: een wedstrijd van het tweede team van de senioren. Ook dit keer was de officiële scheidsrechter niet gearriveerd. Dus Otto nam over. Wat hij niet wist, dat de afdeling Leiden van de KNVB een controleur had gestuurd. Havik vertelt het niet zonder trots: “Die man is gebleven en zou toen een rapport over mij uitbrengen. In de rust kwam hij naar me toe en zei: ‘Je hebt het goed in de hand, jij klaart dat klusje wel.’ Hij is toen maar naar huis gegaan. Ik ben er nooit achter gekomen of hij ooit rapport heeft uitgebracht.”

NKS-sportkampen
Verhalen over ‘de voetbal’ en ‘de Boys’, hij kan er vele en lang over vertellen. Zoals over het jaarlijkse NKS-sportkamp, dat vaste prik in z’n agenda stond. Otto was een sterk koppel, zeg maar een twee-eenheid met Wil Disseldorp. Jarenlang hebben zij de Stompwijkse voetballertjes tijdens de sportkampen geleid. “Het waren mooie tijden. Met Wil kon ik lezen en schrijven en andersom ook. We begrepen elkaar. Onze chauffeurs voor de heen- en terugreis hadden allemaal een Peugeot. Rinus van de Burg, Janus Verhagen, Piet Janson en nog een stuk of wat. Die auto’s werden onderweg, bij de koffiestop in restaurant De Lucht, naast elkaar geparkeerd. Piet Janson, de Peugeotdealer, vond het prachtig. En wij ook. De voorzitter van de club kwam elk jaar halverwege het kamp even kijken hoe het ging. Hij zei dan steevast dat hij niet snapte hoe wij dat jonge spul onder de duim wisten te houden.”
Na de (voet)bal volgde een ander hoofdstuk in z’n leven, namelijk dat van de zeilsport. “Als je nog eens een mooie sport wilt beoefenen, dan moet je een zeilboot kopen”, zegt hij heel beslist. De eerste kocht hij voor om en nabij 200 gulden, ergens in de buurt van de Rottemeren. Acht jaar later kocht hij er een andere bij een jachtwerf in Nieuwkoop. “We hebben wat afgevaren met Janus Verhagen, Kees Luiten en anderen, machtig mooi om te doen. Later ook veel gevaren met een zwager van me.”

Zo’n twintig jaar terug verhuisde Otto naar Zoetermeer. Hij had, zo zegt het letterlijk, een LAT-relatie met Corrie, met wie hij op zijn tachtigste (!) trouwde. Haar foto staat op de vensterbank in z’n kamer. “Was een bèst mens”, zegt hij een paar keer tijdens ons gesprek. Bij de voordeur van zijn inpandige kamer in Emmaus hangt een foto van hemzelf, op zijn boot. Aan de muur in z’n kamer een prachtige tekening van Otto op z’n laatste zeilboot. “Gemaakt door mijn zwager. Hij is helaas een paar maanden terug overleden.”

Achter het orgel
Een man waar hij ook veel contact mee had was Joop Suijten. “Hij kwam vaak op donderdag langs met z’n boekje om boodschappen te noteren. Ik zat dan te studeren achter het orgel, een Johannus. En dan zei hij: ‘laat mij maar even achter dat orgel zitten en dan kun jij gaan zingen’. Otto wordt hier gehuldigd. Hij is dan 60 jaar lid van het zangkoor.
Dat hebben we vaak zo gedaan. En Ton Aalhuizen in Zoetermeer, die wil ik ook wel noemen. Met hem reed ik in Zoetermeer elke week mee naar de gymnastiek. Met hem ben ik tig jaren opgetrokken.”
Over Emmaus is Otto buitengewoon goed te spreken. “Nadat mijn vrouw Corry vorig jaar was overleden, belandde ik in twee tehuizen in Den Haag. Toen ben ik verhuisd naar hier. De verzorging, het eten en drinken, het is hier in Emmaus allemaal een stuk beter. Ik word hier echt prima verzorgd. Ik zou het erg leuk vinden als er wat oude bekenden uit Stompwijk eens op bezoek komen. Martien van Vliet, een aangetrouwde neef, komt met Mieke Havik af en toe langs. Maar voor de rest zie ik hier bijna niemand. Ik ken nog zoveel mensen in Stompwijk, waar ik vroeger nauw contact mee had, zoals bijvoorbeeld Theo Duyvestein. Zeg maar tegen ’m dat hij langs moet komen. Ze zullen hem beneden niet wegsturen….. ,denk ik.”
Degenen die ‘m meemaakten zullen het beamen: Otto kon vroeger nogal mopperen, vooral als je op het voetbalveld in de doelen bezig was, terwijl er geen training of wedstrijd was. Havik verdedigde het gras in en voor het doel, alsof het zijn eigen voortuin was. “Het was gauw een baggerzooi en dat wilde ik voorkomen. Ik kan er nu om lachen. Humor past óók bij hem. Over Stompwijkse Boys: “Topspelers hadden we zat. Althans, dat vonden die spelers zelf. Maar ik heb er niet zo gek veel gezien.” Hij bekijkt een teamfoto in een jubileumboek van Stompwijkse Boys, waar de schrijver dezes op staat. Het blijft even stil. En dan: “Zo zie je maar, onkruid vergaat niet.”

Zonder hulp
Bij mijn vertrek zegt hij het nog eens: “Vergeet het niet hè, meer bezoek zou ik wel leuk vinden.” Zijn benen worden strammer, maar hij staat zonder hulp op vanuit de leunstoel om in z’n rolstoel te gaan zitten. “Ik ben een tijdje terug aardig ziek geweest. Maar het gaat wel weer. Ik moet denken aan Hans Vreeswijk, oftewel Daan. Weet je wat die zei? Gezondheid is geen kunst, maar een gunst. En zo is het.”

Jack Luiten

Het Sint-kerstgevoel van de beginnende klaverjasser

Afgelopen weken is er in het Dorpspunt eens serieus gekaart voor de titel Sint-kerstklaverjaskampioen 2019. Daar er tijdens het klaverjassen altijd een gemoedelijke sfeer hangt, we leggen een kaartje en we praten wat bij, was er tijdens deze afgelopen weken toch ook duidelijk een spanningsveld te bespeuren. Want het ging toch echt wel voor het echie. Wie gaat er na drie weken met de hoofdprijs vandoor?

De laatste avond viel dan ook de beslissing. Nadat we Nico van Vliet hadden toegezongen ter ere van zijn 80e verjaardag (je zou het hem niet geven), bleek ook dezelfde Nico het hoogste aantal punten behaald te hebben. Als het iemand gegund was, dan was het Nico wel!

Ook alle andere bezoekers mochten een prijs in ontvangst nemen. Wij zijn dan ook bijzonder blij met onze bezoekers die toch wekelijks tijd maken om gezellig te klaverjassen.
Wij wensen iedereen gezellige feestdagen en alle goeds voor 2020!

NB. Derde kerstdag en 3 januari wordt er gewoon geklaverjast vanaf 20.00 uur

Wilma en Anneke

P.S.: Indien er iemand een week niet aanwezig kon zijn, kreeg diegene respectievelijk 2250-2000-2100 punten, zodat iedereen toch kans maakte om te winnen. De uitslagen zijn van drie halve boompjes per keer, vandaar, en dit als uitleg voor de ervaren klaverjassers, het vreemde puntenaantal.

Een kerstbal vertelt

Al in een oude doos werd ik gevonden
Wat stoffig met m’n makkers om mij heen
Goed uitgerust op zolder en we konden
de boom in, straks, tot sier voor iedereen

Beneden stond een boom mij aan te staren
Fraai exemplaar, maar nog zo kaal als wat
Dat werd wel anders, kan ik je verklaren
Mooi aangekleed, met ballen, heb je dat

Daar hing ik dan, met vele teamgenoten.
Veel kaarsjes om mij heen, verspreidend licht,
indien zij aangestoken, onverdroten,
tot nut zijn en verzakend niet hun plicht

Het kerstfeest nadert rap, ik ga nu horen,
CD-muziek, vaak op de achtergrond
Het Christuskind voor ons op aard geboren,
die in een krib z’n eerste rustplaats vond

Ere zij God, in mensen welbehagen
en vree op aard, die ver te zoeken is
De herdertjes, die er bij nachte lagen
het kinderlied: Kling, klokje, kling, gewis

De kerstdis volgt. Bedacht de laatste weken
Een tam konijn bezet een grote schaal
De plumpudding mag zeker niet ontbreken
Met rum begoten, blijf je echt niet schraal

Dan zie ik dikke buiken huiswaarts keren
De gasten vierden kerst vol dolle pret
Bevonden zich daarbij in hoger sferen,
al zingend: Jingle Bells, op toon gezet

Na veertien dagen: Boom ging ons verlaten
Het werd zo langzaam aan wel tijd ervoor
Ik zag door ’t raam, buiten, een drietal maten,
die gingen er met onze boom vandoor

Dat was het eind, waarvan ik slechts kon dromen
Ons ballenleger had de grootste pret
De oude doos werd weer mijn onderkomen
Een jaar weer op de zolder neergezet!

U.E.  Kerstbal  W.T.W.

De moeder van de meervoudig Nederlands kampioen zwemmen in het spotlicht gezet

Beste redactie,

In de bijlage het verslag van het Nederlands kampioenschap kortbad in Eindhoven.
Het was weer een enerverend, zenuwslopend, vermoeiend maar o zo fantastisch weekend.

Groetjes, Ilona

Het was naar aanleiding van bovenstaand bericht dat ik dacht: die Ilona moeten we eens in het licht zetten. Natuurlijk draagt de gehele familie bij tot het succes bij het zwemmen. De drie meiden zijn allemaal waterratten en ze weten precies hoe het werkt. Dat maakt het allemaal haalbaar om kampioen te worden.

Ilona is in de gelegenheid om op het kerstballespreekuur te komen. Het gezin van Ilona en Alwin bestaat uit drie meiden. Eline van 18, Sanne van 17 en Jelsie van 14 jaar. Ze zijn gelukkig allemaal besmet met het zwemvirus en hebben inmiddels de nodige successen behaald. Eline is mede door de grote concurrentie 3e van Nederland geworden op de lange afstand (800 m). Sanne is 2 x Nederlands kampioen estafette zwemmen geworden. Ze zwemt niet veel wedstrijden meer, maar vindt de trainingen nog zo leuk dat zij dit 4 x per week doet.

Op de vraag hoe ziet je week eruit, krijg ik een strak schema.
Op maandag traint Sanne ’s morgens om half 6 uur en dan brengt Alwin haar naar zwembad de Veur waar ze voordat de school begint, traint.
Jelsie fiets vanuit school naar het Hofbad in Ypenburg waar zij start met krachttraining zoals fitness aan apparaten en dan lekker zwemmen en om daar om kwart over 7 ’s avond opgehaald te worden.

Op dinsdagochtend brengt Ilona Jelsie naar het Hofbad, fiets achterop de auto, waar Jelsie voor schooltijd haar training doet, om daarna naar school te fietsen en Ilona rijdt door naar haar werk. Uit school duikt Jelsie nog 2 uur het water in en wordt van daaruit opgehaald door Ilona. Snel eten en dan gaat Ilona zelf naar haar handbaltraining. Ze speelt bij de recreanten.

Woensdagochtend gaat de wekker opnieuw vroeg en om 5 uur rijdt Alwin beide dochters met fiets achterop naar het Veur in Zoetermeer, trainen en daarna hup naar school.

Op donderdag oogt het rustig: Jelsie van 16.00 tot 18.00 uur en Sanne van 18.00 tot 19.30, dit betekent wel 2 x rijden. En ze heeft die dag ook gewerkt.

Op vrijdag traint Jelsie van 16.00 tot 18.00 uur in Zoetermeer en in de winter wordt ze daar opgehaald, in de zomer komt ze zelf op de fiets naar huis.

Zaterdag traint Jelsie in het Hofbad vanaf 7.15 om 2 uur te zwemmen om aansluitend landtraining te doen. Dat betekent opdrukken, grondoefeningen en al zo meer.
Op zondag traint Sanne van 7.30 uur tot 9 uur in het Veur en dit sluit mooi aan op de kerkdienst die op 10 uur begint waar ze met het hele gezin naar toe gaan. Een heerlijk moment in de week om even tot rust te komen en opgebouwd te worden. Realiserend dat er zo veel meer is in het leven dan zwemmen.
En in de middag kan er dan weer een wedstrijd gezwommen worden van onder andere de hoofdklasse. Gelukkig kan dat gewoon in je eigen zwembad of in de buurt omdat het immers om individuele tijden gaat.

Soms worden er wedstrijden gehouden in Eindhoven en dan wordt er met de ouders van andere zwemsters een huis gehuurd om vanaf donderdag t/m zondag daar gezamenlijk door te brengen. Héle gezellige weekenden zijn dat. Maar de dag daarna moet er wel vrij genomen worden om bij te komen.

Dan zijn er nog de swimcups een door Nederland georganiseerde internationale wedstrijden in Amsterdam, Eindhoven of Den Haag waar kwalificatiewedstrijden voor toernooien worden gezwommen en waar ook grote namen aan meedoen zoals Ranomi Kromowidjodo en Femke Heemskerk. En om de tijd tijdens de wedstrijden een beetje door te komen is ze regelmatig ploegleider (zorg dragend dat de zwemmers op tijd aan de start verschijnen) of maakt ze in en rondom het bad foto’s.
Het grote doel van Jelsie volgend jaar is het behalen van een kwalificatie voor het Europees Jeugd Olympische spelen in juli 2020 in Oostenrijk. Vooraf moet zij zich daarvoor zien te kwalificeren. Hiervoor zijn drie kwalificatie momenten op de lange baan (50m bad) en wil ze net als op de korte baan (25m bad) weer graag Nederlands kampioen worden. Dat wordt een (in)spannend jaar.

Ilona weet nog dat er in de beginjaren iemand ooit op de tribune tegen haar zei: “Voor je weet, zit je hier 5 ochtenden per week”, en dat zij dacht: “Nou, écht niet”. Maar het gebeurde wel. Het begint met de oudste die naar zwemles gaat. En als de diploma’s zijn behaald en Sanne ligt in het water voor het zelfde doel hoeft er niet gewacht te worden maar kan er deel genomen worden aan wedstrijdzwemmen. En als uiteindelijk ook Jelsie te water mag gaan zijn de twee oudste al verzot op deze sport. Jelsie vliegt door de badjes heen om vervolgens al op 6 jarige leeftijd haar zussen achterna te gaan. Het zat er toen al in, wachten is zonde van de tijd dus efficiënt benutten en voor je het weet rol je er in. Naast het zwemmen hebben ze alle drie ook nog andere sporten beoefend zoals judo en schaatsen. Maar het was toch echt zwemmen wat ze wilden.

Hoe hou je dit vol?
Ik kan het vol houden doordat mensen om mij heen mij steunen en helpen. Want zonder die steun en hulp lukt het echt niet. En ja het kost veel tijd, maar toch inmiddels al iets minder. Tijdens de trainingen werd er door Ilona hard gelopen, even aandacht voor haar eigen training of er is tijd om boodschappen te doen. Ik besteed mijn tijd goed en als je eenmaal in dit ritme zit, is het ook goed te doen. En als je ziet dat je kinderen ergens enorm veel plezier aan beleven dan beleef je dat plezier met ze mee en dat maakt het allemaal zo mooi. Het maakt dan ook niet uit wat het is of op welk niveau het is. Ilona is dus Nederlands kampioen organiseren en plannen tussen, werk, trainingen, huishouden en ontspannen door. En ze neemt de tijd om het hele dorp op de hoogte te houden van de vorderingen van hun badgasten. Bravo!

Petra Oliehoek– van Es